Een wieldop monteren is niet technisch. Wat een wieldop die tien jaar blijft zitten onderscheidt van een die er in de eerste rotonde afvliegt, is de volgorde van de handelingen — niet de kracht.
Voor je begint
Maak de velgrand schoon. Modder of roest op de aanligrand voorkomt dat de clips goed pakken. Een vochtige doek volstaat. Controleer meteen of de velg daar niet verbogen of gescheurd is.
Werk met de wielen op de grond, voertuig stil, handrem aan. Er hoeft niets gedemonteerd te worden.
De vier handelingen
- Zoek het ventiel. Elke wieldop heeft een uitsparing om het door te laten. Draai de wieldop tot de uitsparing voor het ventiel staat.
- Zet de onderkant aan. Plaats de onderrand tegen de velg en duw hem op zijn plek.
- Klik rondom vast. Met je handpalm — nooit met je vuist — stevig drukken en aan beide zijden omhoog werken. Je hoort de clips één voor één vastklikken.
- Controleer. Ga met je vinger de hele rand langs. Waar iets omhoog staat, nog eens aandrukken. Een goed gemonteerde wieldop ligt perfect vlak.
Fouten die je een wieldop kosten
Slaan met je vuist of een hamer. Je scheurt het kunststof zonder beter vast te klikken. Je handpalm is ruim voldoende.
Het ventiel vergeten. Staat de uitsparing niet uitgelijnd, dan bolt de wieldop aan één kant op en vliegt eraf. Verreweg oorzaak nummer één.
Alleen de zijkanten vastklikken. Boven en onder moeten ook klikken, anders werkt de wieldop los tijdens het rijden.
En eraf halen?
Trek stevig aan de rand, met twee handen, beginnend onderaan. Geen gereedschap nodig en de clips zijn herbruikbaar: je velg wordt niet geboord of aangepast.
Twijfel over je maat? De montage- en maatgids geeft hem in 30 seconden, en daarna kun je wieldoppen met je eigen beeld maken.